Horrorkind

Er zijn films die zo beginnen, met veel bliksem en geen donder.
Een dreigende bewolkte lucht vol lichtschichten, harde regenslag, aanzwellende storm en een heel orkest vol violen om de dreiging te onderstrepen. Enge films zijn dat.
Wij hadden zo'n storm vannacht, met wolken die maar bleven oplichten, de regen die op de boot sloeg en de terrasstoelen in een schurende tango over het dek.
Het had iets traags engs, dat je eerst denkt; een potje regen en bliksem, wat stelt dat nou helemaal voor. En dat er vervolgens het ene na het andere rampscenario in je opwelt.
De wind werd ook steeds maar harder, het schuiven van de stoelen luider en toen opeens geen geschuif meer - complete stilte.
Klaarwakker lag ik in bed.
Mo!
Waar was mijn stokoude kat die vorige week nog in het water was gevallen na een schrikje?
Terwijl naast mij Aran het gemis aan geluid buiten begon te compenseren ('s nachts doorslapen me hoela) vroeg ik me af wat er zou gebeuren als op dat moment de bliksem in de boot sloeg.
Al dat staal, dat moest een fikse stroomstoot geven.
Of was de boot niet geaard en zouden we de schok pas voelen als we de wal opgingen? Ik ging rechtop zitten.
Beng! Een inslag!
Schrik alom, waren we nog heel? We waren nog heel.
Het sussen van de schrik, kom we gaan weer slapen, en dan de volgende dag (enge muziek, de kijker die tegen het schermt roept 'niet doen niet doen!') hup de kade op, 'nou nou, wat een nacht' en plef! Het hele gezinnetje verkoold.
Ik besloot een paar keer diep adem te halen.
Mijn kat sprong op bed en keek erbij alsof ze niet net heel erg vermist was geweest. Met een zucht liet ik me in het kussen vallen en keek opzij naar mijn kind dat op de borst van mijn lief in slaap was gevallen.
Hij wel.
Toen het eindelijk licht werd liep ik, omdat ik eigenlijk niet kon geloven dat er géén rampen waren gebeurd, een inspectierondje over de boot. Eén stoel was het water in gevlogen zag ik, verder geen schade.
'Hij slaapt alweer', zei mijn lief, toen ik terugkwam.
Ik keek naar het mooi opgemaakte bedje waar Aran bijna volledig in verdween omdat hij zo onmogelijk klein is.
'Weet je zeker dat hij erin ligt?' wilde ik grappend vragen, maar op dat moment zag ik heel traag een klein handje uit het bed oprijzen, een wit handje dat een beetje trilde, precies als in die horrorfilm laatst, helemaal op het einde, toen de storm was gaan liggen en alle gevaar voorbij leek.
Mijn lief keek verbaasd toe hoe ik met een kreet naar het bedje rende, mijn kind eruit haalde en hem tegen mijn boezem drukte.
De storm mag dan gaan liggen, je moet altijd wachten tot ook het geluid van de horrorviolen is weggestorven
26 Mei 09 om 10:15 :: Reageer (veertien)
Maandagochtend
Ik heb net gedanst met mijn zoon. Hij hield zich stevig aan mijn haren vast.
25 Mei 09 om 10:44 :: Reageer (acht)
De Jowi

Hou ouder ik word, hoe meer ik geloof dat ik totaal iemand anders had kunnen zijn.
Was ik er als puber nog van overtuigd dat ik een vastomlijnd persoon was - of op zijn minst een vastomlijnd persoon ging worden - nu begin ik te geloven dat ik word bepaald door toeval en hormonen.
Momenteel bevind ik mij onder invloed van de hormonen die hevige poets- en ordeningsdrang veroorzaken, gelardeerd met vergeetachtigheid.
En ik denk niet: dit ben ik helemaal niet.
Net zoals ik niet denk: tjee, ik heb een baby, is dat even wennen.
Het ís gewoon zo. Ik ben vergeetachtig en (ideaal natuurlijk) het kan me niks schelen. Ik heb een kindje en dat zit nog steeds in mijn buik, figuurlijk gesproken dan. Als Aran huilt voelt mijn buik dat eerst, daarna ga ik pas proberen na te denken of ik er iets aan kan doen.
Maar ik dwaal af.
Als puber dacht ik dat ik ergens naar toe groeide. Naar een bepaald soort mens, iemand met karakter, met smoel. Naar 'de Jowi' als het ware.
Daar deed ik ook mijn best voor, meer dan eens stond ik vol overtuiging iets te schreeuwen, want, zo redeneerde ik, als ik alvast begon te schreeuwen, dan kwam die overtuiging vanzelf.
Nu denk ik: ik zou heel veel mensen kunnen zijn. En zelfs de grenzen die ik als onoverschrijdbaar zag, zijn misschien niet zo vol van prikkeldraad als ik altijd geloofde.
Hoewel die vormeloosheid me als puber doodsbenauwd zou hebben gemaakt, (net zoals Aran er niet van houdt om in bad te gaan zonder dat zijn voetjes de bodem raken), geniet ik er nu van.
Grenzeloosheid zoals ik die bij het schrijven ook voel: er is altijd meer te leren.
En het is nog maar net begonnen.
19 Mei 09 om 11:20 :: Reageer (tien)
Huidhonger

Spruw
Stuwing
Huidhonger
Woorden die behoren tot het geheime vocabulaire van ouders.
Ik zie ze glimmen, de ouders, als ze me inwijden in hun geheimen.
Want Spruw is een reëel gevaar en Stuwing klinkt ook alleen maar leuk als je nog niet weet wat het is. Huidhonger wordt daarentegen de titel van mijn nieuwste boek.
Wat een mooi woord.
En wat een fantastische uitvinding: hoezeer Aran ook om melk roept, leg hem in je 'vallei' (zo noemde de verpleegkundige in het ziekenhuis het) en Aran verdwijnt binnen de kortste keren in gelukzalige slaap, omgeven door borsten.
Al mijn nieuwe kennis breng ik natuurlijk over aan mijn lief, die moppert dat hij geen vallei heeft.
'Een ietwat harige vlakte kan denk ik ook', zeg ik weifelend.
We hebben het er ernstig over, met een glaasje wijn (en ja, daarna bij het kolven de melk weggooien).
Af en toe stoppen we even en gaan bij de mini kijken, die zacht knorrend in zijn wieg ligt.
Het lijkt op het gevoel dat ik had toen ik mijn rijbewijs haalde. De stomme verbazing in combinatie met enorme opwinding dat ze mij, een kind nog, in een auto wilden laten rijden.
Maar waar een auto wacht tot je gas geeft, bepaalt Aran zelf het ritme. Ik schuifel verliefd achter hem aan en hoop maar dat het klopt wat ik doe.
Gelukkig huilt Aran niet veel en beter nog; hij laat zich uitstekend troosten. Wel heeft hij alle soorten van honger en daar zijn we trots op.
Want honger, dat heb ik inmiddels geleerd, is de versnellingsbak van een baby.
17 Mei 09 om 10:41 :: Reageer (negen)
Kraakbaby

Baby's kraken.
Veel meer dan dat ze huilen brengen ze hun tijd krakend door.
Dat weet ik, sinds Aran thuis is.
Ok, hij huilt ook, nu bijvoorbeeld, maar daar heb ik een draagdoek voor die ik, zag ik net, verkeerd heb omgebonden maar waar hij tóch in blijft hangen en waarin hij zelfs na een liedje stil wordt. Ik kan er nog omheen typen ook.
(Dat is geluk: een draagdoek met Aran erin waar je omheen kunt typen)
13 Mei 09 om 08:05 :: Reageer (18)
Aran Jonathan
Het is heel snel gegaan, op de eerste dag dat ik stopte met werken, vijf weken te vroeg, ik moet nog steeds wennen dat ik niet meer zwanger ben.
Aran en ik hebben allebei op een andere kamer in het ziekenhuis gelegen en hij ligt er nu nog steeds, op de couveuse afdeling (maar niet in een couveuse). Hij moet leren eten én slapen én energie overhouden voor nog meer eten.
Elke dag hoop ik dat hij naar huis mag, elke dag komt hij in de buurt, maar haalt hij zijn eetexamen net niet.
Een zware oefening in het alsmaar verleggen van je verlangens.
Uiteraard is hij de allermooiste en allerliefste en hij grinnikt een beetje als hij in bad gaat.
Ik ben verliefd.

07 Mei 09 om 10:48 :: Reageer (25)