het KPN beestje

Lief heeft ruzie met KPN.
Er is vanaf zijn IP adres spam verzonden en daarom is alles afgesloten.
Nu heeft hij zich niet expres (heus niet) aan spammen schuldig gemaakt, maar zijn site was onlangs wel gehackt, dus hij begrijpt de actie maar wil ook erg graag zijn telefoon en internet terug.
Of hij een nummer kan bellen om te horen wat hij daarvoor moet doen.
'Nee meneer dat nummer hebben we opgeheven: de klanten waren zó onaardig.'
Hij kan wel mailen ('maar ik heb geen internet!') en dan acht werkdagen afwachten ('maar ik moet vandaag mijn rekeningen betalen')
KPN een telefoniebedrijf dat op de afdeling 'problemen' geen telefoon heeft.
Hoezo de klant is koning.
Ja, zolang hij geen onrust schopt en zich niet inlaat met virussen en ander ongedierte.
Dat is net zoiets als de afdeling 'klachten' opheffen omdat mensen daar toch alleen maar komen klagen.
30 Oktober 09 om 14:16 :: Reageer (vijf)
Luierkunde
Als je fiks met je kind op pad bent geweest en hij heeft bij thuiskomst voor het eerst geen vieze luier
denk dan niet: zou hij vanaf nu minder gaan poepen zoals ze in de bladen schrijven?
Denk ook niet: ik verschoon het joch toch maar even, want hij zit al de hele dag in dat plastic.
Neen.
Zeg blijmoedig als altijd: 'Goed gedaan vent', en zet hem in een kinderstoeltje.
Wacht tot hij begint te grijnzen en een stevige poeplucht uit hem opstijgt.
Dan pas verschoon je hem.
28 Oktober 09 om 17:40 :: Reageer (vijf)
We rommelen voort
'Iew, ik wil niet weten hoe dat shii-take paddestoelstukje in de wasmachine terecht is gekomen.'
'Ik ook niet.'
'Het is helemaal wompig en glabber - Getver! Je pakt het toch niet zomaar op?'
'Waarom niet? Het is toch net gewassen?'
27 Oktober 09 om 07:53 :: Reageer (drie)
We zijn lekker vroeg
'heee op de computer staat de klok op kwart over negen.'
'Nee hoor, het is kwart over tien.'
'Is het geen wintertijd ofzo.'
'Dat zou toch groot op de voorpagina moeten staan? En ik heb niets gezien, dus.'
25 Oktober 09 om 09:21 :: Reageer (twee)
Hoera!

Ik heb het dus ruimschoots gehaald.
Wat is het geval?
We gaan een botenboek maken. Friso en ik. Een fantastisch mooi fotobotenboek mag ik wel zeggen.
Sinds gisteren hebben we een uitgever (hoera) en nu nog geld.
Vandaar dus de aanvraag die voor tien uur binnen moest zijn. En dat heb ik dus gehaald.
Had ik al hoera gezegd?
23 Oktober 09 om 09:32 :: Reageer (vijf)
Onaf stukje dat eindigt met vage oproep

Ben ik zelfingenomen als ik iemand in de rede val? Omdat ik mezelf blijkbaar liever hoor praten dan de ander?
Ben ik nóg zelfingenomer als ik mezelf graag lees? Als ik verliefd word op mijn eigen woorden en ze wil delen met iedereen?
Omdat mijn verhalen iets raken waar ik een gesprek over zou willen aangaan? (waarbij ik dan vast weer iemand in de rede val)
Los van de antwoorden op die vragen botst verliefdheid op taal nogal met eenzaam geschrijf.
Troubadours hadden het makkelijker.
Ik zou ook wel geldeloos maar in ruil voor iets anders mijn verhalen de wereld in willen sturen.
Misschien moet ik een club oprichten van eenzame schrijvers.
Gaan we ons aanbieden op feesten en partijen.
'Praat eens met een schrijver'. Of, das dan optioneel, 'neem eens een schrijver mee naar huis'.
(Kun je ook een leuke interactieve website bij bouwen waar klanten van tevoren hun voorkeuren aangeven: 'Moet niet te zwaar op de hand zijn'. 'Stem om heerlijk bij in slaap te vallen'. 'Is ook wel eens grappig')
Dan hoeven mensen het in ieder geval niet de hele tijd over het weer te hebben.
Er zijn festivals voor woorden, dat weet ik wel.
Maar dat zijn hekjes. En daar lopen mensen die al gewend zijn aan woorden naar schrijvers te loeren.
Zoals een museum een dierentuin voor kunst is.
De wereld bestormen.
Ik peins er nog even over. Suggesties zijn uiteraard welkom.
19 Oktober 09 om 08:48 :: Reageer (negen)
Dus wij marcheren door het huis
troep in de was (Aran had gisteren de stagiaire onder gepiest gni), kleren opvouwen, liedjes zingen 'Zijn we er klaar voor? Wij zijn er klaar voor!'
Want wij gaan om acht uur voor de deur van Klavier staan zoals het een hardwerkende moeder en haar zoon betaamt.
Kan ik in één keer door naar mijn schrijven, mijn werk, mijn studieboeken.
Reuze professioneel.
Kwart voor acht, nog iets te vroeg, dan nog maar even potjes steriliseren oh en als ze dan toch schoon zijn snel wat extra kolven want als hij nou meer eet overdag, dan eet hij misschien minder de hele nacht, Aran in de weer met een knisperboekje, ritselritsel zoempzoemp, vijf voor acht. 'Kom Aran we gaan!' ik kijk in de box, ligt meneer uitgebreid te pitten.
Pfff.
Dan eerst maar even koffie en ontbijten en hier een stukje tikken, kom ik daarna alsnog heel freelance om half tien aankakken.

13 Oktober 09 om 08:33 :: Reageer (acht)
Daar moet ergens een diep levenswijsheid in zitten
'Je houdt hem zo schoon' zei de tandarts. Dat gemene krabbertje van hem krabte zelfs nergens aan.
'Ik vertel mensen altijd wat er gebeurt als ze hem niet schoonhouden en zelfs al vertel ik het niet, dan komen ze er toch wel achter.
Maar jij niet. Jij zou de rest van je leven je tanden kunnen schoonhouden en denken: waarom doe ik dit in godsnaam.'
12 Oktober 09 om 10:01 :: Reageer (vijf)
Stil- een test
Achteraf miste ik vooral de rust. Mijn nachtblauwe leven, de stille straten, de overzichtelijkheid der dagen. Ik wilde weer in de lege straten lopen. Eindeloze straten en geen enkel doel.
Een stad als een gevoel, dat met mij meedeinde, inkromp en weer uitzette. Of een stad ontdaan van gevoel. Het grote niets. De voelhoorns van een slak. Een op maat gemaakt leven.
Hoe langer ik er woonde, hoe groter de heimwee naar het begin. Ik wilde bestaan in gebrek aan drang, aan moeten. Toen ik de weg nog niet wist en ook nog niet wist dat dat er niet toe deed.
Aan het einde waren de nachten niet meer stil zoals eerst, maar gevuld met gesuis, veroorzaakt door de vleugels van grote grijze vogels. Ze werden doodsvogels genoemd, het enige grote woord dat de mensen in de stad gebruikten. Ik hoorde het bij de Indiër. Ik hoorde het ontzag in de stem van de man die het zei.
Het einde was nabij. Nu eerst het begin terugvinden.
08 Oktober 09 om 10:05 :: Reageer (vijf)
Ritueel ziek
Ik ben geen ritueel-mens. Zo iemand die in een vaste volgorde opstaat, flost, tanden poetst en dan even naar zichzelf glimlacht.
Iemand die iedere dag om negen uur een tosti eet. Die op de eerste dinsdag van de maand spelletjes doet met vrienden, die elke vrijdag gaat sporten, elke zaterdag haar vriendje verwent.
Soms zou ik het wel willen zijn.
Met deze blog bijvoorbeeld. Dan denk ik: vanaf nu schrijf ik iedere dag een stukje en ook nog eens in die en die stijl. Dat moet na een tijdje een gemak opleveren. En mensen weten waar ze aan toe zijn. Handig lijkt me dat.
Of ik denk: vanaf nu maak ik een vaste dagdindeling. Wat dat precies oplevert weet ik niet, maar het lijkt zo handig. Beetje grip op de dingen.
Het lukt me niet.
Vandaag liep al meteen mis: te veel koppijn wegens zo'n irritante herfstholteontsteking (nóg irritanter om die ook daadwerkelijk meteen bij het begin van de herfst te hebben) en dus ging Aran met zijn vader mee en ga ik de hele dag kolven én naar college (ja toch maar) én nog een interview dat volgens de tussenpersoon echt op geen enkel ander moment kan en dan nog even in bed in het donker met mijn ogen dicht.
Maar waar was ik.
Rituelen. Als ik nou een ziek-ritueel had hoefde ik er tenminste niet over na te denken.
Ik ben er zelfs een keer bijna door ontslagen, door mijn ritueel-loosheid.
'Je hebt geen ritme', zei de manager, die steevast iedere dag met veel ceremonieel om zes uur zijn eerste fluitje voor zichzelf tapte.
Maar hij had ongelijk.
Ik heb wel een ritme, ik heb zelfs een heleboel ritmes. Maar ik herhaal ze niet.
07 Oktober 09 om 10:37 :: Reageer (veertien)
Bolletje bolletje
Eens, lang geleden, op een dag dat ik werkelijk niets te doen had, vatte ik het plan om mijn zitzak te reinigen.
Die had ik ooit voor een prikkie met veldvlekken gekocht maar dat was met 'oxy axion' zo te verhelpen, werd mij verzekerd.
Niet dus.
'Je kan', zei de fabrikant van de website die de zitzakken maakte, 'voorzichtig de bolletjes uit de zak halen en de huls in de wasmachine doen.' Dat zei hij op de dag dat ik niets te doen had en daarna was die dag voorbij.
Maar afgelopen weekend, nadat ik de sokken had gestopt, de was had gestreken en mijn haar in de krullers had gezet, vond ik mezelf opeens terug met een tornnaald, op zoek naar de rits op die geheime plek die de meneer van de website me gewezen had.
Er zaten heel veel witte vederlichte bolletjes in de zak.
Even later zaten er ook heel veel witte vederlichte bolletjes in de wasmachine.
En omdat ik graag te ver ga, wierp ik er bij de tweede wassing ook een pak verf bij. Groen. Want, zo legde ik mijn lief vol kennis van zaken uit 'wit is zo wit'.
De zitzak kwam eruit alsof hij door een kudde gras was overvallen, bont en blauw was geslagen en zich daarna huilend in een beekje had geworpen waar hij was blijven liggen tot ik hem geheel groezelig en navlekkerig en nog wat laatste bolletjes bloedend op de kant trok.
'Is het gelukt?' vroeg mijn lief attent als hij is.
'Mwah', mompelde ik.
Nu moet ik hem nog vertellen dat de wasmachine vanmorgen vroeg of ik zijn pomp wilde reinigen. Wegens verstopping.
05 Oktober 09 om 09:14 :: Reageer (drie)
Mijn plukje
Vroeger had ik vlechtjes.
Daar. Het is gezegd.
Ik had vlechtjes en als ik te lang in de zon zat werd ik rood.
Nooit bruin. Rood.
Of ik zat in de zon maar bleef toch gewoon wit, dat was de andere minstens zo onaantrekkelijke mogelijkheid.
'Melkflessen!' gilden de kinderen uit mijn straat.
Het enige voordeel van die zon was dat ook mijn haar rood werd. Een beetje.
'Kijk, een paar plukjes' fluisterde ik tegen alleen mijn beste vriendinnen.
Prinsessen hadden rood haar. En hoewel ik liever een ander soort prinses was geweest - zo licht als een veertje, mahoniehuid en gouden golven tot op de (prachtige) kont - was rood niet verkeerd. Een prins zou er wel raad mee weten.
Mijn beste vriendinnen bogen zich vol ernst over mijn bruine lokken en alleen de állerbesten concludeerden dat ik gelijk had.
Inderdaad. Een rood plukje. Hoe bijzonder. Die Jowi. Die had stiekem rood haar.
Maar dan kwam de winter en dan verdwenen ze weer, de plukjes.
Dan begon het hopen, het wensen en het alsmaar herhalen. Want ik geloofde dat als je dingen maar hard genoeg wilde, dat ze dan gebeurden.
Althans, ik durfde niet te geloven dat ik met hard hopen goud en rank en mahonie zou kunnen worden...maar wel iets roder. Qua haar dan.
De oplossing bleek een aantal jaar later in een potje haarverf te zitten, toen hoefde het niet meer zo van binnenuit. Maar dat wensen en herhalen ging nog even door, zoiets wordt een automatisme.
En kijk nou wat ik gebrouwen heb.
Het is nog niet veel misschien, een paar haartjes maar.
Maar kijk goed. Ik zie rood.
Kijk dan:

02 Oktober 09 om 08:18 :: Reageer (acht)
