Wondjes

Soms heeft hij wondjes op zijn handen.
Van de muizen, zegt hij, op een toon alsof hij het ze gunt.
Hij zegt dat ze 's nachts aan hem knagen.
We zitten nog steeds tussen de sneeuwklokjes.
Veel zijn er plat, van zijn billen.
Hij legt zijn hand naast een bloemetje. Zijn neus er bovenop.
Kijk, zegt hij; mijn hand, wit, grijs, rode korstjes. En het sneeuwklokje; wit en groen.
Maar niet helemaal wit, en niet helemaal groen. Geel ook. En zwart, en bruin.
Hij vraagt waarom er niet méér namen voor kleuren zijn.
Ik denk aan RAL kleuren, maar daar wil hij niets van weten.
Nummers zijn geen kleuren, zegt hij. Als we meer namen hebben, kunnen we meer kleuren zien.
De straatbewoners laten ons met rust. Ze wandelen en fietsen langs, soms krijgen we een knikje.
Mijn reus ziet ze niet. Hij heeft een selectief blikveld.
De kinderen die om ons heen staan negeert hij ook. Totdat een dapper meisje met stijve staartjes een stapje naar voren doet, hand uitgestrekt.
Kijk, zegt ze tegen de reus. Op haar hand zit ook een korstje.
De reus bestudeert met grote aandacht het bolle kinderhandje.
Muizen, zegt hij tenslotte.
-
pluuusje op 05 03 07 - 09:11
oooooo, mooooi...verder!
-
Jackie* op 05 03 07 - 17:43
Het geval wil dat mijn kleine stiefvader ook wondjes op zijn handen heeft. Hij blijft tot op de dag van vandaag onduidelijk over waar hij ze heeft opgelopen. Hij pulkt en pulkt en ik heb hem ooit erop betrapt dat hij met een schilmesje eraan zat te peuteren. Ik ben blij dat jij het mysterie hebt opgelost!