Onderweg
Gisteren fietste ik langs de grachtjes bij de Nieuwmarkt en liet mijn benen los van de trappers na ieder bruggetje.
Omdat ik altijd graag wil weten waarom ik me kinderachtig gedraag, bedacht ik het volgende;
Alle novembers hingen in de lucht.
De eerste ijskou, het dunne witte licht, de donkerte die per dag vroeger invalt.
En al die novembers zaten op mijn rug
en al die novembers reden met me mee langs de grachten op weg naar de kaasfondue in Bern.
Niet eerder hingen ze zo zwaar aan de trappers en zweefden ze zo los van jaar en tijd als we een bruggetje afvlogen.
Ik denk dat het ouderdom is, als de jaargetijden zich losweken van je leven en op zichzelf beginnen te bestaan.
En ik weet nog niet of ik me daar zorgen om moet maken.